Een ondoorzichtige erfafscheiding afdwingen

29 november 2022
Leestijd: 5 minuten

Iedere eigenaar van een stuk grond heeft de bevoegdheid om zijn perceel af te sluiten. Maar kan een eigenaar deze rechten ook uitoefenen als er al een erfafscheiding aanwezig is? Kan een eigenaar bijvoorbeeld een ondoorzichtige erfafscheiding afdwingen? De Hoge Raad verheldert één en ander in een arrest (ECLI:NL:HR:2019:1907). Mr.  Bob de Jager licht het arrest hieronder toe. Liever een kort webinar van de AVDR (akademie voor de rechtspraktijk) van Bob zien? Klik dan hier.

Casus

Het geschil tussen de buren gaat over een coniferenhaag die op de erfgrens staat. De ene buur vordert de medewerking van de andere om deze coniferenhaag te verwijderen en deze te vervangen voor een mandelige erfafscheiding van twee meter hoog. Eiser is van mening dat de coniferenhaag niet voldoet aan de wettelijke omschrijving van een scheidsmuur aangezien deze niet ondoorzichtig is. Eiser baseert zich op artikel 5:49 BW. Dat artikel luidt:

“Ieder der eigenaars van aangrenzende erven in een aaneengebouwd gedeelte van een gemeente kan te allen tijde vorderen dat de andere eigenaar ertoe meewerkt, dat op de grens van de erven een scheidsmuur van twee meter hoogte wordt opgericht, voor zover een verordening of een plaatselijke gewoonte de wijze of de hoogte der afscheiding niet anders regelt. De eigenaars dragen in de kosten van de afscheiding voor gelijke delen bij.”

Kort gezegd staat hier dat iedereen (onder bepaalde voorwaarden) recht heeft op een schutting (scheidsmuur).

Onder muur wordt in dit kader verstaan: iedere van steen, hout of andere daartoe geschikte stof vervaardigde, ondoorzichtige afsluiting (artikel 5:43 BW).

Wat onder een mandelige muur of fundering wordt verstaan leest u overigens in dit blog.

Oordeel Hoge Raad

De Hoge Raad oordeelt (uit de wetsgeschiedenis volgt) dat iedere eigenaar van een perceel het recht heeft zijn ‘persoonlijke levenssfeer’ te waarborgen. Dit kan dus ook als er al een erfafscheiding aanwezig is. Ook in dat geval kan de eiser dus vorderen dat zijn buren meewerken aan het optrekken van bijvoorbeeld een ondoorzichtige erfafscheiding.

Er vindt in dit soort zaken geen belangenafweging plaats. Dit daar het belang van een eigenaar, tot eerbiediging van zijn persoonlijke levenssfeer een gegeven is. Het belang van de buren bij behoudt van de coniferenhaag is in deze casus dus ondergeschikt.

Conclusie en uitzonderingen

In beginsel moeten buren medewerking verlenen aan het plaatsen van een ondoorzichtige schutting.

Dit kan anders zijn in de volgende gevallen, namelijk indien:

  • eiser misbruik zou maken van zijn recht (art. 3:13 BW),
  • een beroep op art. 5:49 BW naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid onaanvaardbaar is,
  • eiser afstand heeft gedaan van zijn recht of,
  • het recht van eiser is verwerkt.

Vragen over een erfafscheiding?

Heeft u vragen ?

U kunt altijd vrijblijvend contact opnemen en gebruikmaken van het gratis spreekuur.

Rechtsbijstandverzekering? 

Neem contact op met onze burenrechtspecialist Bob de Jager

Neem contact op met Annemarie
Stel uw vraag
close slider